Publiek Aardappel Dossier.

Dit dossier is de neerslag van een weg, een weg die we aflegden om ons doel te bereiken: een GGO-veld. Een weg vol met ontmoetingen, enthousiasme, en vooral ook veel vragen, bedenkingen, onderzoek en ontdekkingen.

link

A propos
108 aardappelen van de toekomst krijgen bewaking de klok rond gedurende 4 maand

Zoals enkele journalisten opmerkten de afgelopen weken is het erg opmerkelijk 10 duizenden euro’s te investeren in de bewaking van een patattenveld. Toch is dat wat gebeurt in Vlaanderen vandaag. Dit is het gevolg van de aankondiging van de Field Liberation Movement om de genetische gemodificeerde aardappelen Fortuna en Durph op een testveld van het consortium VIB, Ugent, ILVO, Hogeschool Gent te vervangen door biologische aardappelen. Waar gaat het om?
Via het proefveld met genetisch gewijzigde aardappelen wil het consortium na gaan in welke mate deze bestand zijn tegen de aardappelziekte, wat als de belangrijkste bedreiging voor de aardappelteelt wordt gezien in onze streken. Aardappelen die via genetische modificatie verhoogde resistentie hebben tegen de schimmel die de aardappelziekte veroorzaakt, worden getest in open ILVO veld [ 26 varieteiten van de Durph aardappel (universiteit Wageningen) en de Fortuna aardappel (BASF)]. Beide types van genetisch gemodificeerde aardappel hebben hun verhoogde resistentie tegen de aardappelziekte verkregen door het ombouwen van in Europa courante aardappelvarieteiten met genen uit wilde aardappelen uit het Andes gebergte. Daarnaast bevatten de aardappelen ook antibioticummerkers (Durph) en AHAS-merker(BASF). De laatste merker zorgt er meteen voor dat de aardappel meteen ook bestand is tegen enkele herbiciden. Via deze proef wil men dus kijken welke van de GG aardappels in volle grond het best bestand zijn tegen de schimmel Phytophthora infestans, die de aardappelziekte veroorzaakt.
Het proefopzet is gebaseerd op een visie waarbij opbrengstverlies (en het gebruik van grote hoeveelheiden fungiciden) in de aardappelteelt simpelweg het gevolg is van de phytophtora. Dat het grootste deel van het aardappelareaal in Belgie in monocultuur en bovendien met eendezelfde aardappel wordt gepoot, Bintje wordt niet als probleem gezien. Dit rijst meteen de vraag of de
wetenschappelijke proef gebaseerd is op een degelijke probleemstelling en relevante onderzoeksvraag (basiskenmerken van goed wetenschappelijk onderzoek).
Vraag die dan onvermijdelijk rijst, is of het de aardappelziekte of de monocultuur is die het (grootste) probleem vormt voor opbrengstverlies? Het is geen geheim dat biodiversiteit nodig is om ecosystemen te stabiliseren. De grote hongersnood in Ierland wordt aangehaald door het consortium om de noodzaak van de GGO-aardappelen te benadrukken. Wat niet benadrukt wordt, is dat deze hongersnood halfweg de 19e eeuw te wijten was aan de afankelijk van Ierland van één bepaalde aardappelsoort voor voedselvoorziening. Het gebrek aan genetische varieteit zorgde ervoor dat het optreden van de aardappelziekte de ganse oogst kon vernietigen, en daarmee meteen ook de hele Ierse bevolking die hiervan afankelijk was verzwakken. Het oplossen van hongersnood via
het stimuleren van monocultuur is een denkpiste die op voorhand gedoemd is om te mislukken. Het zal wel nieuwe markten creeren om vernuftige  plossingen te patenteren voor de problemen die zich laten voorspellen.
Met deze proef is het is niet de bedoeling om efecten op milieu of gezondheid te onderzoeken. Dat zal gebeuren na de selectie. Zoals enkele milieu- en landbouwverenigingen terecht stellen, het voorzorgsprincipe wordt hier met de voeten getreden. Een hek moet momenteel verhinderen dat GG aardappelen via menselijke activiteit in het milieu verspreid worden. Aardappelrijen rond de GG
aardappelen moeten stuifmeel opvangen. Stuifmeel dat via hommels of andere insecten verspreid zal worden, zal met plantenbufers noch bewakingsagenten verhinderd worden. Ook het gebruiken van antibiotica, die in de grond op bacterien worden overgedragen, wordt niet als een probleem gezien.
De vraag welke relevante “kennis” hier gecreeerd wordt door publieke onderzoeksinstellingen blijft voor ons dus onbeantwoord. Het mooie reclamebord, de blitse marketing campagne, de buiten proportionele beveiligingsmaatregelen voor een ongewenste proef, duiden allemaal in de richting van een PR campagne die er toe moet leiden dat genetisch gemodificeerde gewassen beter aanvaard worden in Europa. De introductie van GGG verloopt in Europa immers veel trager dan waarop gehoopt werd. Wetenschappelijk onderzoek, humanitaire en duurzaamheidsargumenten worden gebruikt als jasje om privatisering van ons voedsel verder mogelijk te maken. Om een systeem dat gebaseerd is op productie van voedsel voor vuilnisbakken in stand te houden. Om boeren bij ons, en in het zuiden, nog verder afankelijk te maken van een handvol multinationals. En deze concrete proef, de ongetwijfeld nobele bedoelingen van de onderzoekers ten spijt, zal er voornamelijk toe bijdragen om de BASF aardappel sneller in Belgie op de markt te krijgen. Dat de Durph aardappel vandaag de dag (waarschijnlijk of misschien) nog in handen is van Universiteiten maakt daarbij geen verschil. Ook deze zal verkocht worden. De “aardappel van de toekomst”-campagne geeft een doorkijk naar de toekomst waar biodiversiteit in private genenbanken opgesloten zit, waar landbouw gelijk wordt gesteld aan agro-industrie, waar politiek-economische systemen voedselverspilling en hongersnood creert, en
aangepakt wordt door boeren en bevolkingen verder in de schulden te laten verzinken.
In dit dossier plaatsen we de betrefende aardappelen en de veldproef in het bredere plaatje waar ze deel van uitmaken. In het bijzonder
het landbouw-model en kennisproductie waarvoor ze symbool zijn.