(NL) Waarom de veldproef met GG durph en BASF aardappelen niet moet doorgaan…

– Er zijn geen GG Phytophthora-resistente aardappelen nodig. Phytophthora-resistente aardappelen kunnen ook via klassieke plantenveredeling bekomen worden; er bestaat al biologisch pootgoed van enkele resistente variëteiten.
– GG voedsel – de hier geteste GG aardappels inbegrepen – zijn niet voldoende getest via onafhankelijke studies op gezondheids- en milieu risico’s.
– De taak van publieke onderzoeksinstellingen is het ontwikkelen van kennis die publieke belangen dient; niet deze van winstgedreven private bedrijven.
– Onderzoek hoort te vertrekken van het voorzorgsprincipe en kan zich niet permitteren om milieu- en volksgezondheidsrisico’s te nemen door voorbarig veldproeven uit te voeren.
– De GGO-industrie stimuleert een intensief landbouwmodel gebaseerd op uitbuiting; het maakt boeren in het Noorden en het Zuiden afhankelijk van een handvol bedrijven en privatiseert ons zaaigoed.
– GG-gewassen zijn niet nodig om de wereld te voeden of milieudoelstellingen te halen. In tegendeel, de monoculturen waarvoor ze ontwikkeld worden, vormen een bedreiging voor voedselsoevereiniteit en –veiligheid; voor de biodiversiteit en het klimaat. Er bestaan alternatieve teeltwijzen om voedsel te produceren voor iedereen, terwijl ze de biodiversiteit versterken en bijdragen aan een koele planeet.
– GG-gewassen zijn geen oplossing voor honger. Voedselschaarste is niet het gevolg van een gebrek aan productiecapaciteit: het is het gevolg van perverse machtsrelaties gebaseerd op winstbejag en consumptiedrift.
– De GG-gewassen gaan nauw samen met het gebruik van chemische producten en zijn gebaseerd op korte termijn strategieën.
– We willen waarborgen voor een duurzaam landbouwsysteem: dit vereist autonomie voor kleine boeren in de selectie van zaden en zaaigoedproductie; net zoals doorgedreven ondersteuning van het onderzoek naar sociaal-ecologisch duurzame teeltwijzen.

Deze veldproef en de bijhorende marketing campagne, uitgevoerd door UGent, ILVO, VIB en HoGent, is een grote stap in de richting van GGO-productie voor menselijke consumptie in Belgie. Nochtans is 65% van de Belgische bevolking tegen GG-voedsel . Directe actie is de laatste uitweg om onze stem gehoord te laten worden.

(FR) Pourquoi nous ne voulons pas de l’essai OGM en plein champ:

Nous n’avons pas besoin de Pdt OGM. Il est possible d’obtenir des pommes de terre résistantes au mildiou en utilisant la sélection naturelle, ces variétés existent déjà.
– Les aliments OGM – dont les durp et BASF Pdt testées ici- n’ont pas fait l’objet d’assez de recherche concernant les risques pour la santé et pour l’environnement. Certaines études indépendantes montrent des risques pour la santé liés aux aliments OGM.
– Les institutions de recherche publique devraient développer de la connaissance qui répond aux intérêts du public, et pas à ceux des industries privées.
– La recherche devrait appliquer le principe de précaution, et ne pas mettre en danger la santé publique et l’environnement en réalisant des essais en plein champ.
– Le « business OGM » contribue à un modèle agricole intensif et exploiteur; il rend les fermiers, tant au Nord qu’au Sud, dépendants d’une poignée de multinationales ; il privatise nos semences.
– Les OGM ne sont pas nécessaires pour nourrir la planète. Au contraire, les monocultures pour lesquelles ils sont développés menacent notre sécurité et notre souveraineté alimentaires. De plus elles mettent en péril la biodiversité et participent à la dégradation climatique. Il existe des systèmes de production alimentaire qui répondent au besoin de tous, et qui aident à refroidir la planète.
– Les OGM ne sont pas une solution à la faim dans le monde. La malnutrition n’est pas le résultat d’un manque de productivité, mais c’est la conséquence perverse de relations de pouvoir basées sur le profit et sur le consumérisme.
– Les techniques OGM sont intimement liées aux produits chimiques, et n’offrent qu’une productivité à court terme.
– Nous voulons établir un système agricole durable ; cela implique l’autonomie des fermiers dans la sélection et la production des semences, ainsi que l’attribution de ressources financières pour la Recherche sur des techniques agricoles durables.

Cet essai en champ (exécuté par le UGent, ILVO, VIB et HoGent), et la campagne de promotion qui y est attachée, est un grand pas vers la production d’OGM pour la consommation humaine en Belgique. Et ce, alors que 65% de la population belge est contre les produits alimentaires OGM. L’action directe est la dernière possibilité que nous avons de faire entendre nos voix.